Een grondige verbouwing duurt al snel drie tot zes maanden. In die periode moet je ergens wonen, en de gebruikelijke opties bevallen zelden. Een vakantiepark is duur en ligt vaak ver van school en werk. Tijdelijk huren betekent dubbele lasten en een verhuizing die je twee keer doet. En bij familie intrekken is leuk voor twee weken, niet voor een half jaar.
Steeds meer mensen kiezen daarom voor een derde optie: een tijdelijke woonruimte op het eigen terrein. Je blijft op je eigen adres, de kinderen blijven op dezelfde school, en je ziet elke dag hoe het werk vordert.
Waarom het aantrekkelijker is dan het klinkt
Het beeld dat veel mensen bij een tijdelijke unit hebben, komt uit de bouw: een kale keet met een klapstoel. De praktijk is anders. Een moderne woonunit is een geïsoleerde woonruimte met een badkamer, een keukenblok, verwarming en gewone ramen en deuren. Er zijn uitvoeringen met twee, drie of vier slaapkamers, samengesteld uit meerdere gekoppelde units.
Wie er een half jaar in woont, merkt vooral het formaat: compacter dan je gewend bent. Maar het is een volwaardige woning, geen noodoplossing waar je doorheen moet bijten.
Het praktische voordeel weegt voor de meeste mensen zwaarder dan het comfortverlies. Je bent er zelf bij als de aannemer een vraag heeft. Je ziet meteen wanneer iets niet klopt, in plaats van drie weken later. En je hoeft je huisraad niet twee keer te verplaatsen. De meeste spullen kunnen gewoon in de garage of in een opslagcontainer op hetzelfde terrein blijven staan.
Mag dat zomaar in je tuin?
Dit is de vraag die het vaakst gesteld wordt, en het antwoord is genuanceerd.
Voor een tijdelijke woonunit die hoort bij een verbouwing van je eigen woning is in veel gemeenten geen omgevingsvergunning nodig, zolang de unit binnen de looptijd van de werkzaamheden blijft staan en aan de voorwaarden voor vergunningsvrij bouwen voldoet. Blijft hij langer staan, of gaat het om permanente bewoning door bijvoorbeeld een familielid, dan gelden er wél regels.
Het lastige is dat gemeenten dit verschillend invullen. De ene gemeente is soepel bij verbouwingen, de andere wil een melding of een tijdelijke vergunning. Bel daarom vóór de bestelling even met het omgevingsloket van je gemeente. Dat is één telefoontje, en het voorkomt dat er een unit in je tuin staat die er niet mag staan.
Wat je zelf moet regelen
Een woonunit wordt compleet afgewerkt geleverd, maar hij heeft drie aansluitingen nodig:
- Water: een aansluiting op de waterleiding
- Elektra: 230V voor verlichting, verwarming en de boiler
- Afvoer: aansluiting op het riool, of een vuilwatertank die periodiek geleegd wordt
Daarnaast heb je een vlakke, stevige ondergrond nodig, en moet er ruimte zijn voor een kraanwagen om de unit op zijn plek te zetten. Bij een smalle oprit of een tuin achter het huis is dat het punt om vooraf te bespreken, niet op de dag van levering.
Van deze drie is de afvoer degene waar planningen op stuklopen. Zorg dat vóór levering vaststaat of er op riool wordt aangesloten of dat er een tank komt.
Huren of kopen
Voor een verbouwing van een paar maanden is huren vrijwel altijd voordeliger. Je betaalt per week of maand, onderhoud en vervanging bij storing zitten erbij, en na afloop wordt de unit weer opgehaald.
Kopen wordt interessant vanaf ongeveer een jaar, of wanneer je de unit daarna een andere bestemming geeft: als mantelzorgwoning, kantoor aan huis of logeerruimte. Een gekochte unit houdt bovendien restwaarde, want je kunt hem later doorverkopen.
Voor wie is het geschikt?
Het werkt goed als je een tuin of oprit hebt met voldoende ruimte, als de verbouwing langer dan twee maanden duurt, en als je waarde hecht aan op je eigen adres blijven. Het werkt minder goed op een klein stadskavel zonder toegang voor een kraan, of bij een verbouwing van enkele weken. Dan is de moeite van plaatsen en aansluiten het niet waard.
Twijfel je over de haalbaarheid op jouw perceel, dan is een leverancier die langskomt voor een intake de snelste manier om erachter te komen.
Partijen als Liber Units, dat ruim veertig jaar in tijdelijke huisvesting zit en doorlopend een paar honderd units op voorraad heeft, kunnen op locatie meestal binnen een kwartier zeggen of het kan en welk formaat past.
En dat scheelt uiteindelijk het meeste: weten waar je aan toe bent voordat de sloophamer erin gaat.
